In het kort: installateurs en servicemonteurs werken alleen bij de klant, aan installaties die allemaal net iets anders zijn, en moeten achteraf kunnen laten zien wat ze gedaan hebben. Goede werkinstructies voor de servicemonteur zijn kort, specifiek per type installatie en verzamelen onderweg het bewijs: foto's voor en na, meetwaarden, de handtekening van de klant en de locatie. Start de juiste instructie door een QR-code of NFC-tag op de installatie te scannen, en houd per installatie een logboek bij zodat de volgende monteur de historie kent. De Work Instruction App heeft een dataverbinding nodig om een instructie te starten; daarna werkt een uitvoering door in een plek zonder bereik en wordt hij verstuurd zodra de verbinding terug is.

Waarom is servicewerk anders dan werk op je eigen werkvloer?

Op je eigen werkvloer is een collega, teamleider of de technische dienst nooit ver weg. Een monteur bij de klant heeft dat allemaal niet. De situatie verschilt op een paar punten:

  • Geen collega om het te vragen. De monteur staat vaak alleen, in een technische ruimte, op een dak of in een kelder. De instructie moet de vragen beantwoorden die anders een collega zou beantwoorden. De Britse Health and Safety Executive wijst erop dat werkgevers moeten nadenken over de specifieke risico's van alleen werken en over hoe alleenwerkers worden begeleid en ondersteund.
  • Elke installatie is net anders. Hetzelfde product, maar een ander bouwjaar, een andere configuratie, een aanpassing door een vorige installateur. Een algemene handleiding dekt dat niet.
  • De klant kijkt mee. De monteur is het visitekaartje van je bedrijf. Zoeken in een dikke handleiding waar de klant bij staat, wekt geen vertrouwen.
  • Achteraf is bewijs nodig. Voor de factuur, de garantie, het onderhoudscontract en het volgende bezoek wil je weten wat er gevonden is, wat er gedaan is en hoe de installatie erbij stond toen de monteur vertrok.
  • De kennis zit in het hoofd van een paar ervaren mensen. Gaan zij met pensioen of weg, dan gaat de kennis over specifieke installaties mee.

Welk bewijs heeft een servicebezoek nodig?

De registratie van een servicebezoek beantwoordt: wat trof de monteur aan, wat heeft hij gedaan, met welk resultaat, en is de klant akkoord? De tabel geeft de gebruikelijke registraties en hoe je ze vastlegt.

RegistratieWaaromHoe vastleggen
Identificatie van de installatieHet bezoek koppelen aan de juiste installatie en de historieBarcodescan van het serienummer, of het installatienummer in een tekstveld
Aankomst- en vertrektijdUren op de factuur en afgesproken reactietijdenBegin- en eindtijd van de uitvoering
LocatieBewijs van het bezoek, de juiste vestiging bij klanten met meerdere locatiesGps-locatie
Foto voor het werkStaat bij aankomst, bestaande schade, aangetroffen situatieVerplichte foto
MeetwaardenDrukken, temperaturen, spanningen, debieten binnen de grenzenGetalvelden met het doelbereik in de uitleg
Uitgevoerde controlesWelke controles volgens het onderhoudsschema zijn gedaanVinkvakjes, gemarkeerd als verplicht
Vervangen onderdelenFactuur, voorraad en garantieSelectie of tekstveld, barcodescan van het onderdeel
Foto na het werkDe installatie zoals hij is achtergelaten: dicht, schoon, gelabeldVerplichte foto
Bevindingen en adviesVervolgwerk en een offerte voor reparatiesTekstvlak, eventueel een audio-opname
Handtekening van de klantAkkoord met het werk en de urenHandtekeningblok met de naam van de klant

Hoe start de monteur de juiste instructie bij de installatie?

Zoeken naar de juiste instructie kost tijd bij de klant, en de verkeerde kiezen is erger. De eenvoudigste oplossing is de link op de installatie zelf te zetten:

  • Een QR-code op een duurzame sticker op de behuizing of aan de binnenkant van het serviceluik. Elke telefooncamera kan hem scannen.
  • Een NFC-tag op dezelfde plek: de monteur houdt de telefoon ertegen en de instructie opent. NFC-tags zijn klein en kun je uit het zicht monteren; lees meer op de pagina over werkinstructies op NFC-tags.

Bevestig de tag bij de installatie of bij het eerste servicebezoek. Vanaf dan start elke monteur bij de installatie met de instructie die bij dat type installatie hoort. De tag opent de instructie, maar herkent niet welk exemplaar het is. Laat daarom in de eerste stap het serienummer scannen of het installatienummer invullen; zo hangt elk bezoek aan de juiste installatie.

Hoe ziet een goede werkinstructie voor de servicemonteur eruit?

Een serviceinstructie gebruik je staand, vaak met handschoenen, bij slecht licht en met een klant die wacht. Dat bepaalt de eisen:

  1. Eén instructie per taak en type installatie. "Jaarlijks onderhoud warmtepomp type X" in plaats van "onderhoud warmtepompen".
  2. Veiligheid eerst. Begin met spanningsloos maken, vergrendelen en controleren dat er veilig aan de installatie gewerkt kan worden, voor elke andere stap.
  3. Een foto van de echte situatie per stap. De monteur ziet in één oogopslag welke kraan, welke klem of welk filter bedoeld is.
  4. Doelwaarden in de stap. Zet het toegestane bereik naast het getalveld, zodat de monteur direct ziet of een waarde in orde is.
  5. Bewijs waar het ertoe doet. Verplichte foto's voor en na, verplichte meetwaarden en een handtekening van de klant aan het eind.
  6. Korte zinnen. Eén handeling per stap, beginnend met een werkwoord; de methode in het algemeen lees je in werkinstructie maken.
  7. Een manier om terug te melden. Een veld voor bevindingen die niet in de instructie passen, zodat je de instructie kunt verbeteren.

Waarom een logboek per installatie?

Een werkbon beschrijft één bezoek. Een logboek per installatie beschrijft het hele leven ervan: wanneer hij is geplaatst, welke storingen er waren, wat er vervangen is, welke instellingen zijn gewijzigd en wat de klant heeft gemeld. Voor de volgende monteur is die historie vaak de snelste weg naar de oorzaak van een storing. "Twee keer in een jaar de druksensor vervangen" zegt meer dan elke handleiding.

Het logboek is ook de plek voor informatie die niet in een vaste instructie past: een aanpassing door een vorige installateur, een lastig bereikbare afsluiter, de code van de deur van de technische ruimte. Geef het logboek een eigen QR-code of NFC-tag naast die van de instructie, zodat het altijd één scan verwijderd is. Meer over deze aanpak lees je op de pagina over het digitale logboek.

En het mobiele bereik bij de klant?

Wees realistisch over de verbinding. De Work Instruction App werkt in de browser en in de Android-app. Een gestarte uitvoering blijft werken als de verbinding wegvalt: antwoorden, foto's, geluidsopnames en handtekeningen worden op het apparaat bewaard en automatisch verstuurd zodra de verbinding terug is, en een indicator laat zien hoeveel uitvoeringen nog wachten, met een knop Nu versturen. Voor het starten van een uitvoering is wel een verbinding nodig, de pagina herladen zonder verbinding kan niet en video opnemen werkt niet offline; het is dus geen volledige offline modus. Op de meeste locaties is mobiel bereik. Technische ruimtes, kelders, tunnels en stalen gebouwen kunnen een uitzondering zijn. Praktische maatregelen:

  • Controleer het bereik op locaties waar je vaak komt en noteer slechte plekken in het logboek van de installatie.
  • Vraag de klant om toegang tot een gastnetwerk als het mobiele signaal zwak is.
  • Start de instructie op een plek met bereik: daarna werkt de uitvoering ook door op een plek zonder bereik. Neem video's op waar je bereik hebt, en gebruik pauzeren en hervatten als je tussen plekken moet wisselen.
  • Geef monteurs een telefoon of tablet met een databundel die past bij de foto's die ze maken.

In de praktijk met digitale werkinstructies

In de Work Instruction App bouw je per type installatie een serviceinstructie met blokken: uitlegtekst en foto's per stap, getalvelden voor meetwaarden, vinkjes voor de onderhoudscontroles, verplichte fotoblokken voor en na, een barcodescan voor serienummers of onderdelen, een locatieblok voor de gps-positie, een audio-opname voor ingesproken bevindingen en een handtekeningblok voor de klant. Alle apparaatinvoer gebruikt de camera, microfoon en locatie van de telefoon of tablet die de monteur al bij zich heeft.

De monteur start de instructie door de QR-code of NFC-tag op de installatie te scannen; de Android-app uit Google Play kan de NFC-tags beschrijven. Elke uitvoering legt de gebruiker vast, de begin- en eindtijd, de duur, de versie van de instructie en elk antwoord, elke foto en elke handtekening, en afgeronde uitvoeringen filter je per werkinstructie, gebruiker en periode. Een uitvoering kun je pauzeren en hervatten, bijvoorbeeld als er een onderdeel uit de bus gehaald moet worden. Verbeter je een instructie, dan publiceer je een nieuwe versie, en eerdere bezoeken blijven gekoppeld aan de versie die toen gebruikt is. Bedrijven die installaties plaatsen en ook materieel verhuren, gebruiken dezelfde aanpak voor verhuurmaterieel.

Waarom de stap van papier en pdf naar instructies op de telefoon loont, lees je in waarom digitale werkinstructies.